Bijna zes jaar na de dood van de 14-jarige Tamar uit Marken blijft de belangrijkste vraag in de strafzaak onbeantwoord: hoe kwam zij na de aanrijding in de berm terecht? Het Openbaar Ministerie (OM) erkent dat daar na jaren van onderzoek nog altijd geen duidelijkheid over is. Wel eiste het OM vandaag een celstraf van in totaal acht weken tegen de bestuurder die Tamar aanreed en doorreed.
Tijdens de zitting vroeg de rechter de 33-jarige Duits-Iraakse vrachtwagenchauffeur Jamal T. rechtstreeks: “Heeft u Tamar verplaatst?” “Ik heb haar niet aangeraakt en niet gezien”, antwoordde de verdachte.
Ouders dwongen strafzaak af
Tamar liep in de nacht van 24 op 25 juli 2020 na een ruzie van huis weg. Rond 3.00 uur werd zij op de Zeedijk tussen Monnickendam en Marken aangereden door een Mazda 3 met een Duits kenteken. De bestuurder reed door. Ruim een half uur later vonden agenten Tamar levenloos, half in de berm.
Volgens het Openbaar Ministerie staat vast dat de 33-jarige Jamal T. haar heeft aangereden. Onderaan zijn auto zijn DNA-sporen van het slachtoffer gevonden en vezelsporen van haar kleding. De auto had ook schade. De verdachte heeft eerder bij de politie verklaard dat hij dacht dat hij over een dier was gereden.
Het Openbaar Ministerie besloot hem destijds niet strafrechtelijk te vervolgen voor het dodelijke ongeval en legde alleen een boete van 1.500 euro op, omdat hij tijdens het rijden op zijn telefoon keek. De ouders van Tamar legden zich daar niet bij neer en dwongen via het gerechtshof alsnog een strafzaak en nieuw onderzoek af. Zes jaar later staat T. daardoor alsnog voor de rechter.
Hoe kwam Tamar in de berm terecht?
Volgens het OM wijzen meerdere sporen erop dat de plek waar Tamar werd gevonden niet dezelfde is als de plek waar zij werd aangereden. Agenten verklaarden dat haar houding direct opviel. Haar benen lagen kaarsrecht naast elkaar en haar armen boven haar hoofd. Een van de agenten zei dat hij zo’n houding na een verkeersongeval nog nooit had gezien.
Ook de sporen op het wegdek roepen vragen op. Onderzoekers vonden onder meer remsporen, een schuifspoor, een bloedspoor, witte vezels van Tamars jas, haren en stukjes weefsel. Volgens de verkeersongevallenanalyse is het ‘niet logisch’ dat Tamar door de aanrijding zelf in de berm terecht is gekomen.
Drie scenario’s onderzocht
Het OM onderzocht drie mogelijke verklaringen: een tweede aanrijding, verplaatsing door iemand anders of verplaatsing door Tamar zelf.
Een tweede aanrijding acht het OM niet waarschijnlijk. Ook ziet justitie geen bewijs dat de verdachte of een van de andere inzittenden Tamar heeft verplaatst. Er is geen DNA van hen op haar lichaam of kleding gevonden en ook in de auto zijn geen DNA-sporen van Tamar aangetroffen.
Dat Tamar zichzelf na de aanrijding naar de berm heeft verplaatst, is volgens een patholoog medisch niet uit te sluiten. Tegelijkertijd zijn daarvoor geen concrete aanwijzingen gevonden.
De conclusie van het OM is daarom dat niet kan worden vastgesteld hoe Tamar uiteindelijk in de berm terecht is gekomen.
Wel onoplettend, geen grove verkeersfout
Volgens het OM reed de verdachte niet te hard en is geen sprake van een grove verkeersfout of aanmerkelijke schuld aan het dodelijke ongeval. Wel verwijt justitie hem dat hij tijdens het rijden naar de navigatie op de telefoon van de bijrijder keek en daardoor onvoldoende op de weg lette. Volgens de officier had hij Tamar kunnen zien en op tijd kunnen stoppen.
Daarnaast had hij, nadat hij een flinke impact had gevoeld, niet zomaar mogen aannemen dat hij een dier had geraakt. Volgens het OM had hij moeten stoppen om te controleren of iemand hulp nodig had.
“Door zijn handelen is Tamar op een donkere en verlaten plek in haar eentje overleden”, aldus de officier van justitie. “Hij toont nauwelijks empathie en laat daarmee de nabestaanden in de kou staan.” Het OM eiste daarom twee weken onvoorwaardelijke hechtenis voor onoplettend rijgedrag en zes weken onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor het verlaten van de plaats van het ongeval. Justitie houdt hierbij rekening met het feit dat verdachte een blanco strafblad heeft.
Ook vroeg het OM de rechtbank om de schadevergoeding van ruim 48.000 euro aan de nabestaanden toe te wijzen.
Ouders: “Na zes jaar heb ik nog steeds geen antwoorden”
In de volle rechtszaal maakten de ouders van Tamar gebruik van hun spreekrecht. “Ik vraag me vaak af wat Tamar nu gedaan had op haar 20e, hoe had ze eruit gezien, wat voor werk ze zou hebben, waar ze naar op vakantie zou gaan”, sprak haar vader.
Haar moeder vertelde dat zij nog altijd met veel vragen achterblijft. “Ik moest zelfs vechten voor deze zitting. En na zes jaar heb ik nog steeds geen antwoorden.” “Voor mij is Tamar twee keer in de steek gelaten. Eén keer door de inzittenden en één door justitie zelf. Kan er vandaag dan eindelijk verantwoordelijkheid genomen kunnen worden? Tamar is geen verkeersstatistiek, maar ze is een mens. Mijn lieve dochter.”
Advocaat Geeratz van T. stelde dat zijn cliënt zich heeft ‘gedragen als een normale gemiddelde bestuurder’. ” Natuurlijk wil je een verklaring, dat knaagt aan je”, ligt hij toe. “Toch is het zo dat ik denk dat veel vragen open zullen blijven. Jamal heeft alles verteld, meer is er niet.” Hij vraagt om vrijspraak voor zijn cliënt.
De rechtbank doet over twee weken uitspraak.
