Vijfentwintig jaar na de Nieuwjaarsbrand in Volendam zoeken hulpverleners elkaar op om ervaringen te delen en erkenning te vinden. Eind deze maand komen zij samen in het stadion van FC Volendam. Het is een initiatief van ervaringsdeskundige Denise Biesterveld: “Er komen veel reacties binnen, van ic-verpleegkundigen tot aan politieagenten.”
Tijdens de jaarwisseling van 2000-2001 brak er brand uit in het Volendamse café ’t Hemeltje door sterretjes. Veertien jonge mensen kwamen om het leven en ruim tweehonderd mensen raakten gewond. De ramp liet diepe sporen na in Volendam en ver daarbuiten.
Rond de 25-jarige herdenking was er opnieuw veel aandacht voor de brand. Voor veel betrokkenen was dat het moment om voor het eerst hun verhaal te delen.
Verhalen komen los
Een van die verhalen is te horen in de NH-podcast ‘Het meisje op de brancard’. Daarin gaat oud-politieagent Linda samen met journalist Gerie Smit op zoek naar een slachtoffer dat haar al jaren bezighoudt. “De wieltjes van de brancard gleden weg, het slachtoffer viel op de grond en ik bevroor”, vertelt ze in de podcast.
De podcast maakte veel los, ook bij andere hulpverleners. “Gerie kreeg veel reacties en vragen, maar wist niet altijd hoe ze daarop moest reageren”, zegt Biesterveld. “Toen heb ik aangeboden om te helpen.”
Oproep en herkenning
Biesterveld, die zelf kampte met posttraumatische stressstoornis, stelde zich beschikbaar als luisterend oor. “Uit ervaring weet ik hoe belangrijk het is dat iemand echt naar je luistert.”
De reacties stroomden binnen: van hulpverleners tot slachtoffers die jarenlang hadden gezwegen. Dat bracht haar op het idee om een bijeenkomst te organiseren. “De behoefte om elkaar te ontmoeten en verhalen te delen is groot.”
‘Je moet blijven praten’
Bas Treur uit Hoorn is een van de hulpverleners die zich heeft aangemeld. Als politieagent was hij in de rampnacht als een van de eersten ter plaatse. “Ik heb een gevecht moeten voeren dat je met geen enkele ouder wilt hebben”, vertelt hij. “Mensen tegenhouden, zodat hulpdiensten hun werk konden doen.”
Dat hij zich heeft aangemeld voor de bijeenkomst is voor hem vanzelfsprekend. “Blijven praten over wat je hebt gezien is heel belangrijk, ook na zo’n lange tijd.”
