De politie-eenheid Noord-Holland probeert contact op te nemen met familieleden van op zee verdwenen Markers. Hopelijk kan het DNA van de familieleden verbonden worden aan ongeïdentificeerde drenkelingen, die door de jaren heen zijn aangetroffen. De politie benadrukt dat het gaat om een gerichte oproep voor alleen Marken, en dat andere plaatsen in de provincie pas later volgen.

Volgens politiewoordvoerder Erwin Sintenie is het niet de bedoeling dat achtergebleven familie van Noord-Hollandse drenkelingen nu zelf en masse contact opneemt.

“We willen heel gericht kunnen zoeken naar familieleden, en hen als ze bij ons bekend zijn vooral eerst zelf benaderen. Door dat per dorp of gebied aan te pakken, voorkomen we een spervuur aan reacties.”

Drenkelingen vermist vanaf 1920

De zoekactie spitst zich toe op drenkelingen die vanaf 1920 vermist zijn geraakt. “Dat kan van alles zijn, van vermiste vissers tot matrozen die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. De ongeïdentificeerde resten kunnen namelijk ook buiten Nederland zijn aangetroffen”, vertelt de woordvoerder.

Menselijke resten zoals botten spoelen eens in de zoveel tijd aan, of worden bijvoorbeeld per ongeluk opgevist. Wanneer mogelijk wordt van die resten een DNA-monster genomen. De politie legt het DNA van de familieleden dan naast die monsters , om te kijken of er een match is.

Door in kleine gebieden te werken kunnen de betrokken rechercheurs van de politie doelgericht te werk gaan, vertelt Sintenie. “Om je een idee te geven gaat het in heel Nederland om zo’n vijfduizend vermiste personen; in Marken zijn het er vijftien. Daardoor zijn de meeste achtergebleven familieleden bij ons bekend en kunnen we ze zelf benaderen.”

Sintenie weet nog niet hoe lang het project op Marken gaat duren, en wanneer de volgende regio aan de beurt is. “We willen dit nu eerst echt klein houden, juist om te kijken of dat meer oplevert dan een provinciebrede oproep.”