Merel Conijn heeft een zilveren medaille gepakt op de Olympische Winterspelen in Milaan. De schaatsster uit Edam kwam na 6.46,27 over de streep bij de 5000 meter. Francesca Lollobrigida werd de winnaar.
Het verschil was slechts 0,10 seconden tussen de Italiaanse en Conijn na een zenuwslopende thriller. De Noorse Ragne Wiklund reed naar brons, slechts 0,07 seconden langzamer dan Conijn. Het is de eerste olympische medaille in de carrière van de Edamse. Het is de vierde Nederlandse medaille op de Winterspelen in Italië. Het verschil tussen de top vier was slechts 0,30 seconden.
Conijn moest tot de vierde rit wachten voor ze in actie mocht komen. Zij schaatste tegen de Belgische Sandrine Tas. De Edamse moest tot het gaatje gaan en kwam uiteindelijk in een sterke tijd van 6.46,27 over de finish na vijf kilometer.
Conijn zat in de wachtkamer, maar zag dat Isabelle Weidemann en Ragne Wiklund haar tijd niet meer konden aanvallen. Doordat de Edamse nog altijd de snelste tijd had bij het ingaan van de laatste rit, wist de schaatsster al dat ze minimaal een bronzen plak zou pakken.
Francesco Lollobrigida was uiteindelijk toch net iets te sterk. De Italiaanse was een tiende van een seconde sneller.
Conijn is ‘heel blij’ met haar zilveren medaille op de Olympische Spelen van Milaan. “Ik heb heel even gedacht aan goud, maar ik denk dat ik hier heel blij mee mag zijn”, zei ze tegen de NOS. “Ik kon het pas geloven toen mijn tijd op het bord stond”, stelde Conijn. “Het was best spannend.”
Aanvankelijk zou Bente Kerkhoff uit Oostwoud ook meedoen aan deze afstand in Milaan. Ze moest echter verstek laten gaan wegens een rugblessure. Kerkhoff werd vervangen door Marijke Groenewoud, die in de eerste rit naar 6.58,33 schaatste.