In het Volendams Museum begint half oktober een expositie over de nieuwjaarsbrand in café ’t Hemeltje. Het is komende jaarwisseling 25 jaar geleden dat veertien jongeren om het leven kwamen. Tweehonderd mensen raakten gewond en voor duizenden Volendammers veranderde het leven na die nacht voorgoed. Het is de eerste expositie ooit over deze ramp, met nooit eerder vertelde verhalen.

“Het gaat over de tijd voor de brand. Er is een stuk over de brand, maar vooral over de tijd na de brand. Hoe je over zoiets te boven kan komen. Dat vinden we belangrijk om te laten zien”, vertelt een van de initiators Lou Snoek (40) over de expositie ‘Onderbroken tijd’.

Zelf raakte de Volendammer voor een groot deel van zijn lichaam verbrand die nacht. Samen met andere getroffenen van de werkgroep ‘Nieuwjaarsbrand, 25 en verder’ ontwikkelde hij dit project. Na 25 jaar wilden zij hun verhalen bewaren, maar ook doorgeven aan nieuwe generaties.

Snoek is in de nacht van 31 december 2000 op 1 januari 2001 een jongen van zestien, blikt hij terug tegen NH. Met vrienden viert hij dan oud en nieuw in café ’t Hemeltje. “Nadat we elkaar een gelukkig nieuwjaar hadden gewenst, brak de brand uit, vijf meter van ons af.”

‘Onderbroken tijd’

Hij loopt brandwonden op en wordt wekenlang in coma gehouden. Twee jongens van zijn vriendengroep komen om bij de brand. Twaalf andere leeftijdsgenootjes uit de kroeg overlijden ook. Tweehonderd mensen raken gewond. Allemaal zijn ze tussen de 14 en 25 jaar.

Snoek: “Voor ons in het leven was er een voor en ná de brand. En voor mij was het ook de scheiding tussen het kind zijn en de weg naar volwassenheid.”

In de expositie in het Volendams Museum staan die jongeren vanaf volgende maand centraal. Zo is het verhaal te zien van iemand die er die nacht niet zelf bij was, maar wel drie vriendinnen verloor. Jarenlang voelde ze zich schuldig en heeft ze haar verdriet weggestopt. Toen haar dochter de leeftijd bereikte die zij toen had, realiseerde ze zich dat zijzelf wel degelijk slachtoffer van de brand was.

Elk verhaal is anders en iedereen is op een eigen manier omgegaan met de gebeurtenis, zegt Snoek. “Aan mij zie je dat ik verbrand ben. Ik heb littekens, geen haar, ik mis vingers. Maar er zijn hele hoop mensen aan wie je het niet ziet, maar die er mentaal veel aan over hebben gehouden.”

De naam Onderbroken Tijd is bedacht door Harm Hasenaar, ontwerper van de expositie.

“Ik gebruik een laken als metafoor voor het leven”, legt hij uit. “Het leven ontvouwt zich als een laken van tijd – soms is het glad, soms geplooid. Elke vouw markeert een moment waarop tijd is onderbroken. Dat kan zijn door een liefde, een gebeurtenis, een verlies, een inzicht. Daarna is niets meer helemaal zoals ervoor.”

Directeur: ‘Ik kreeg kippenvel’

De expositie verbeeldt de verhalen van de betrokkenen op letterlijk op gevouwen wanden die door het museum zijn neergezet. Na elke ‘vouw’ wordt een andere gebeurtenis verteld in woord en beeld.

“Ik kreeg gelijk kippenvel toen ik over de naam en het idee erachter hoorde”, aldus museumdirecteur Regina Schilder, die de grote zaal in het Volendams Museum beschikbaar stelt voor de expositie.

Ze voerde vele overleggen met initiators, maar stelde wel een aantal voorwaarden.

“Het is hier de juiste plek. Wij kunnen het verhaal mooi vertellen. Maar ik wilde wel dat de expositie voor jongeren, volwassen, getroffenen, nabestaanden en iedereen die er mee te maken heeft gehad goed toegankelijk zou zijn. Onze insteek is dat iedere bezoeker niet met alleen nare gevoelens het museum verlaat, maar mensen ook zien hoeveel kracht er in onze jongeren zit.”

De vereniging wil met de tentoonstelling juist laten zien hoeveel veerkracht de getroffenen hebben en anderen inspireren.

“Het helpt mij om erover te blijven praten. En er een positieve draai aan proberen te geven”, zegt Snoek, die sinds de ramp presentaties over de brand geeft, maar ook fysieke uitdagingen als bergbeklimmen niet uit de weg gaat. “Het is eigenlijk ook nog maar 25 jaar terug. Toch groeien nu al jongeren op die er niks van weten. Maar dit verhaal mag nooit verloren gaan.”

De expositie in het Volendams Museum begint op 17 oktober en duurt tot in ieder geval tot 18 januari. Daarna wordt gekeken naar een nieuwe plek.